Expositie Residu 2 Den Helder

P e r s b e r i c h tExpositie ‘Residu 2’ in Kunsthal 52 Den Heldervan 28 januari tot 24 maart 2012Den Helder, 16 januari 2012Op zaterdag 28 januari om 15.30 uur presenteert Kunsthal 52 Den Helder i.s.m. het Mondriaan Fonds de tentoonstelling‘Residu 2’, waarin werk wordt getoond van maar liefst 19 internationale beeldend kunstenaars die in 2010-2011 tijdelijkverbleven in het gerenoveerde voormalige Pompgemaal in Den Helder/Huisduinen; het gastatelier van het Mondriaan Fonds.Tijdens de opening zal het Rainbow koor uit Den Helder enkele liederen ten gehore brengen. Daarnaast zal er een performance plaatsvinden van een groep studenten van de Gerrit Rietveld Academie in een choreografie van Chandra Sen.De expositie wordt geopend door Steven van Teeseling, coördinator bijzondere projecten van het Mondriaan Fonds.Bij de expositie verschijnt een publicatie met afbeeldingen van diverse werken en een toelichting van de kunstenaars overhet verblijf in Den Helder. De deelnemende kunstenaars zijn:Arkady Nasonov, Jeremiah Day, Patricia Kaersenhout, Yvonne Dröge Wendel, Malin Persson, Sandra van Beek, Stephan Keppel, Sara Bjarland, Koen Delaere, Ulrike Möntmann, en een groep studenten van de Rietveld Academie:Ada Kruszynski, Anne van Duuren & Johan Henning, Louise Kelpe & Balthazar Berling, Chandra Sen, Arjan Hijbeek, Mikael Bergman en Sæmundur Þór Helgason.De tentoonstelling duurt tot 24 maart 2012.Openingstijden Woensdag t/m vrijdag van 13.00-17.00 en zaterdag van 11.00-15.00 uur.Willemsoord 52b, 1781 AS Den Helder. Tel: 0223 615752 www.kunsthal52.nl AchtergrondinformatieHet Pompgemaal Den Helder is sinds 2008 in gebruik als werk- en verblijfsruimte voor beeldend kunstenaars.Het atelier is de eerste permanente ‘artist-in-residence’ plek van het Mondriaan Fonds in Nederland. Inmiddels hebben 28 kunstenaars van het gastatelier gebruik gemaakt, van studenten tot startend en meer ervaren kunstenaars, buitenlandse kunstenaars en kunstbemiddelaars. Na het succes van de tentoonstelling en publicatie Residu, waarbij op initiatiefvan Kunsthal 52 de resultaten van de periode 2008-2009 werden samengebracht, wordt met ‘Residu 2’voor de periode 2010-2011 inzichtelijk gemaakt dat niet alleen verre oorden kunstenaars inspireren of de mogelijkheid biedenhun werk te ontwikkelen of te verdiepen: ook het verblijf in eigen land kan veel opleveren, zowel voor de kunstenaar als voorde plek/regio.Onderstaand een korte introductie op de projecten die de afgelopen twee jaar in het Pompgemaal werden gerealiseerd.De tentoonstelling in Kunsthal 52 en de publicatie zullen een samenhangend beeld geven van de opbrengsten van een vruchtbare periode in het Pompgemaal Den Helder.Terugblikkend op zijn werkperiode schreef de schilder Koen Delaere dat het Pompgemaal in Den Helder ”de ideale plek is om in isolement te kunnen werken en het leven in het werk binnen te halen”. Het is een mooie, bijna tegenstrijdige karakterisering van het Pompgemaal. Aan de ene kant biedt de rust van de relatief afgelegen plek de mogelijkheid voor geconcentreerd onderzoek.Aan de andere kant is het ‘leven’ en de sociaal maatschappelijke werkelijkheid van de stad Den Helder onvermijdelijk onderdeel van het proces. Als geen ander heeft Patricia Kaersenhout dat laatste laten zien tijdens haar werkperiode, waarbij er uiteindelijk een bij de actualiteit betrokken film tot stand kwam in samenwerking met het lokale Rainbow vrouwenkoor. Voor Koen Delaere is het atelier zelf een plek van mogelijkheden. Dat resulteerde in een bijzondere serie schilderijen waarin lokale elementen zijn vertaald in kleur, materiaalgebruik en methodiek. Andere kunstenaars, zoals Stephan Keppel, vinden de logica van hun werk inde stad. Keppel catalogiseerde het straatbeeld, en bracht dat als een fotografisch beeldarchief samen inde kunstenaarsuitgave Reprinting the City – Den Helder.De tijdelijkheid van het werken op locatie bood voor een aantal kunstenaars de mogelijkheid om een specifiek onderdeel van hun praktijk uit te diepen. Jeremiah Day werkte met muzikant Bart de Kroon een bestaande performance uit tot een uitgebreider stuk op basis van impressies van Den Helder en onderzoek naar de geschiedenis van de gemeenschap. Yvonne Dröge Wendel realiseerde onder de noemer Relational Thingness een installatie-achtige speelomgeving met objecten, waarbij het publiek en het atelier onderdeel werden van het werk.Ulrike Möntmann reflecteerde tijdens haar werkperiode op haar artistieke praktijk en projecten, ter voorbereiding op een publicatie over haar werk. Kunstbemiddelaar Sandra van Beek gebruikte het verblijf in het Den Helder met name voor studiedoeleindenen het voltooien van een manuscript over Jan Schoonhoven.Voor verschillende residenten was de selectie voor het Pompgemaal een uitgelezen kans om de invloed van natuur en landschap op hun werk onder de loep te nemen. Of zoals Arkady Nasonov, die een serie surreële olieverfschilderijen maakte, zei:“because sea and clouds sometimes could help much better than museums and libraries”. Malin Persson stelde zich ten doel de kleuren van de lucht tijdens zonsopkomst en -ondergang te doorgronden en maakte op basis van honderden foto’s en studies hiervan een aantal realistische en meer abstracte schilderijen. Sara Bjarland gebruikte ‘found objects’ van het landschap – wortels, mos, bladeren, maar ook stukken plastic – voor een visuele index, bijna als een archeologische representatie vande natuur: collecting the dunes. Een groep internationale studenten van de Rietveld Academie besloten zich als veldonderzoekers gedurende een periode toe te leggen op het pure observeren en vastleggen, gebruikmakend van verschillende media.In 2012 zullen de volgende kunstenaars in het gastatelier verblijven: Mathijs Lieshout (januari t/m april),Gerbrand Burger (mei t/m juli), Alisa Margolis (augustus-september) en Olivia Glebbeek (oktober t/m december).Voor meer informatie neemt u contact op met Georges Hanna, curator van Kunsthal 52,
06-24572158,info@kunsthal52.nl, www.kunsthal52.nlVoor meer informatie over het Pompgemaal en het Mondriaan Fonds: www.mondriaanfonds.nl KUNSTHAL 52

Kunstenaarscollectief ‘Standplaats Schagen’ exposeert

Kunstenaarscollectief ‘Standplaats Schagen’ exposeert in de Art Room van kunstuitleen van Den Helder, van 20 maart t/m 27 april 2011. Op zondag 20 maart om 15.00 uur wordt de tentoonstelling geopend door wethouder Jos Beemsterboer van de gemeente Schagen.

Dit collectief, bestaande uit Quinten Trentelman, Miep van Riessen, Kerre de Graaf, Aad Holkamp en Thijs Zweers, beheert het voormalige Gemeentehuis in Schagen als expositie- en atelierruimte. De wijze waarop deze groep kunstenaars, met als standplaats Schagen, hun fascinaties verbeelden en vormgeven is van een zeer hoge kwaliteit.

Zo trekt Quinten Trentelman de toeschouwer in zijn schilderijen mee naar een wereld van verlaten ruimtes, verstild, aangrijpend en sereen. Quinten toont zich als een architect van het perspectief in verlaten ruimtes. Hij bouwt en construeert ruimtes die zowel uitnodigend als aangrijpend zijn. Zal ik wel, of zal ik niet? De ruimtes bevinden zich in grensgebieden. Mensen en dingen zijn afwezig. Allerhande onderhuidse bewegingen in de tijd worden gestold in een stil moment. Dat werkt als een soort spiegel die zowel tegenstellingen oproept als stilte doet ontstaan. Het kijken naar de werken van Quinten is een gebeuren op zich. Hij laat het broeien onder de verf.

Jarenlang werkte Miep van Riessen met textiel, stof, lappen. Totdat er een nieuwe periode aanving waarbij de combinatie van verf en draad haar werk zou gaan bepalen. Zij werkt vanuit een laag acrylverf op doek en borduurt daar met garen vlakken op. Aanvankelijk met figuratieve elementen. De mensen, dieren en dingen zijn verdwenen en een hele serie landschappen tonen dat draad en verf een prachtig verbond aan kunnen gaan. Wat is draad? Wat is verf? Waar houdt de één op en begint de ander? Miep laat verf draad zijn, ze laat draad verf zijn. Haar liefde en haar geduld, als ook haar sensitieve gevoel voor kleur, zijn in haar werk vervlochten.

Het vakmanschap van colorist en schilder pur sang Kerre de Graaf toont dat licht en kleur een kwetsbare ruimtelijke ervaring kunnen bewerkstelligen. Hij is in staat te laten zien dat kwetsbaarheid op de één of andere manier wringt. Maar Kerre is bovenal een schilder. Een colorist. Hij houdt er een sterke moraal op na: integer blijven, niet herhalen, niet uitmelken. Onbevangen blijven. Een weg die hem ook klem kan zetten in wat hij doet: hij reflecteert vanuit die enorme bagage aan kennis en dat kan wel eens lamleggen. Een eerlijke strengheid die hij niet alleen voor zichzelf hanteert, maar bij een ieder die zich een beeldend kunstenaar noemt.

Sam Middleton beheerst als geen ander de kunst om de werkelijkheid van ritme tastbaar te maken. Geboren in Harlem, een totaal andere wereld, is de jazz nog altijd zijn thuis en zijn leven. Aanvankelijk wilde hij kleding ontwerpen maar ging over op het schilderen. Op aanraden van Jackson Pollock, Jean Kline en Motherwell besloot hij naar het buitenland te gaan. Na een aantal reizen op zee kreeg hij de kans om met een beurs naar Mexico te gaan, om te studeren bij Diego Riviera, de man van Frida Kahlo. Tellen, tijd, ritme en beweging. Sam heeft een grote passie voor muziek en dans. Hij laat ons zien dat ritme tijdloos is. Zonder veel woorden te gebruiken verteld Sam heel veel. In de stiltes, in het zoeken naar een antwoord, wordt er veel gezegd. Een paar woorden en hij roept een hele wereld op. Dat weet hij ook in zijn collages te bewerkstelligen. Niets te veel, alles teruggebracht tot de kern.

De beelden van fotograaf Aad Holkamp lijken zich ergens in collectieve krochten te bevinden, ergens in de schaduw van de werkelijkheid te bestaan. Hij daalt af en vindt daar beelden die wij allemaal kennen, maar misschien liever willen vergeten. Beelden die zich in de marges van ons bewustzijn bevinden; in de kelders van onze stemmingen, onze gedachtes, onze gevoelens. Van onze ervaringen.  Herkenbare elementen in het werk van Aad zijn de enscenering van toeval en intuïtie. Snelheid, beweging, perspectief, afstand en nabijheid: Aad weet ons middels deze elementen in zijn werk onze zogenaamde gedeelde werkelijkheid beleving op losse schroeven te zetten. De beelden weerkaatsen de echo van deze ontregeling op een wijze waarbij de donkere kant genadeloos zichtbaar word. Het herinnert ons aan het duister in onszelf, aan het duister tussen ons en de anderen, aan het duister van onze collectieve acties. ´Wat we niet kunnen beheersen, kunnen we beter omarmen dan wegstoppen´, zou je kunnen zeggen.

Thijs Zweers is opgegroeid in de west-friese kustplaats Enkhuizen. Hij volgde een tweejarige opleiding beeldende kunst aan het toenmalig Amsterdamse Vrije Kunst Academie en is pas afgestudeerd aan het ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem. Tot voor kort werkte hij in het oude gemeentehuis van Schagen en woont tot op heden in Amsterdam. Voor zijn eindexamen scriptie is hij een voortdurend onderzoek begonnen naar de mogelijkheid om de verbeelding van het individu te verplaatsen door ruimte en tijd door gebruik te maken van Internet, televisie, fotografie, en andere registraties van een bepaalde tijdsgeest. Op het Internet gevonden beelden, voorwerpen, vormen worden opnieuw gerangschikt en tot een nieuw geheel met een autonome context verheven. Met zijn tekeningen wordt het virtuele in evenwichtige materie omgezet. Hierdoor leven deze afgebeelde werelden in een nieuw bestaan. Waardoor de toeschouwer zal kunnen reizen naar werelden waarvan zij zelf geen weet heeft.